7 nov 2017

EINDHOVEN - Twee jongemannen uit Utrecht voelen zich onterecht verdacht van diefstal uit een auto in Eindhoven die uitliep op een kloppartij met de eigenaar. Ze dachten dat het portier openstond en wilden enkel helpen. Het OM gelooft er geen snars van en

De twee (allebei 19) waren  vorig jaar juni een dagje in Eindhoven en wilden 's nachts terugrijden. Bij de Karpendonkse Plas moest een van hen plassen en ze parkeerden achter een andere wagen. De plasser zag dat daarvan een portier op een kier stond en ging kijken. ,,Misschien lag er een bewusteloze in", zei hij. ,,U wilde een goede daad doen", begreep de rechter. 

Opeens kwam  de eigenaar aanrennen, begon te schelden en te vechten, trok de sleutels uit hun contact en gooide die in het gras. Hij rende toen weg om politie te halen. Toevallig hadden de twee een boormachine bij zich met een lampje en zo konden ze hun sleuteltjes zoeken. De politie was er snel, waarop ze dat ding gauw weggooiden. Dat vond de rechter vreemd, het was een duur professioneel apparaat. Wat bedremmeld zei een van hen dat hij altijd boetes kreeg als hij in de avond met gereedschap rondliep want hij stond bekend als inbreker, uit huizen en auto's. 

Officier Hugo Storij vond het verhaal van A tot Z gelogen. De eigenaar zag de ene man niet bij de auto staan, maar hij hing er in. Toen hij er op afliep, werd hij aangevallen door de tweede die hem met de boormachine sloeg. Daarmee had hij ook de vriendin van de man bedreigd die daarom op een afstandje bleef. De twee hebben een stevig strafblad en daarom eiste Storij tweemaal een halfjaar cel. 

Olietanker

Advocaat Michiel Lamers zag dat de verhalen zover uiteen lagen 'dat er een olietanker tussen past' en hij vond juist dat van de aangever niet kloppen. Het zou zomaar kunnen dat deze de jongens bij zijn auto zag en er meteen op los sloeg, toen beseft dat hij fout zat en daarom de inbraak erbij verzon. 

Er zaten volgens Lamers nogal wat gaten in het verhaal. Volgens de eigenaar was de auto op slot, maar de 'inbraak' liet geen sporen achter. Meneer had een wond maar dat was een sneetje en dat kan niet van een boormachine komen. Hadden zijn cliënten het ding echt als wapen gebruikt, dan hadden ze het wel beter weggemoffeld, het lag nu in het gras met het lichtje nog aan.

Dat de jongens hadden geslagen was dus geen wonder, ze werden aangevallen en wilden zich verdedigen. Goed, het was twee tegen een en dat was misschien niet netjes maar dat was geen zes maanden cel waard, aldus de pleiter.

Bron: Eindhovens Dagblad

i q d

Deel dit bericht via: